Leerkrachten die een nieuwe taalmethode willen invoeren in groepen met veel anderstalige leerlingen lopen hoe dan ook tegen problemen aan. Dit geldt niet alleen voor Zin in Taal; dit geldt voor alle moedertaalmethodes hoe 'geïntegreerd' deze zich ook noemen. De problemen zijn:
![]() | veel leerlingen kunnen de lessen niet volgen; |
![]() | de lessen kosten veel tijd; |
![]() | sommige lesonderdelen worden overgeslagen; |
![]() | de scores van de leerlingen blijven veel te laag; |
![]() | de leerkrachten voelen zich machteloos. |
Vragen die leerkrachten zich dan gaan stellen, zijn:
![]() | Is Zin in taal wel geschikt voor ons type school, met zoveel anderstalige leerlingen? | En, zo realiseert men zich later: |
![]() | Beschikken wij wel over de vaardigheden en de kennis om les te geven aan anderstalige leerlingen? |
![]() | Klopt onze didactiek wel? |
Ik heb mede met het oog hierop de taalmethode Zin in taal (eerste versie) doorgelicht en heb veel leerkrachten allereerst bijgeschoold in specifieke didactiek aan anderstalige leerlingen: de zogenoemde Nederlands-als-tweedetaal-didactiek (= Nt2-didactiek).
Zo stelde ik wijzigingen in Zin in taal voor, bij alle oefeningen in alle boeken, voor groep vier tot en met acht, die voornamelijk gaan over die andere didactiek.
Daarbij geef ik lessen over het Nederlands en laat ik zien hoe anderstalige leerlingen bij sommige Zin in taallessen extra Nederlands kunnen leren: op het gebied van klanken, woordbouw, zinsbouw en woordenschat-functiewoorden.
| Bij het aanpassen van Zin in taal voor anderstalige leerlingen hanteren de leerkrachten van proefscholen en ik een paar simpele uitgangspunten: | |
![]() | Anderstalige leerlingen dienen ook de einddoelen van Zin in taal te bereiken, per groep en aan het eind van de basisschool. |
![]() | We willen werken met de boeken van de Taalmethode; dus geen aparte of andere materialen. |
![]() | We dienen minder tijd kwijt te zijn met het geven van de lessen dan tot nu toe - alhoewel we altijd meer tijd uittrekken voor de taallessen dan andere, zogenoemde 'witte' scholen- en we dienen alle lesonderdelen te geven. |
![]() | We passen een specifieke Nt2-didactiek toe. |
![]() | Zowel wij, de leerkrachten, als de leerlingen krijgen, hebben en houden: zin in taal! |
![]() | Dat moet blijken, doordat ook de scores van de leerlingen omhoog gaan. |
Om onze ervaringen te delen met andere scholen, heb ik in 2004 deze map gemaakt.
Voor alle groepen vier tot een met acht:
![]() | vindt u In hoofdstuk A voorbeelden van de Nt2-didactiek; |
![]() | ziet u in hoofdstuk B de toepassingen van de Nt2-didactiek bij alle oefeningen van Taalboek 1 en Taalboek 2, Taalmaatje, het Werkboek Spelling en het Werkboek Taal; |
![]() | vindt u in hoofdstuk C extra lessen Nederlands voor anderstaligen bij verschillende lessen uit Zin in taal. |
De inhoud van de map is uitdrukkelijk bedoeld als een aanvulling bij de oorspronkelijke handleiding en leerstofoverzichten van Zin in taal. Wat ik uiteindelijk met deze Aanpassingen en Aanvullingen wil bereiken, is dat ook anderstalige leerlingen, net als hun Nederlandse leeftijdgenootjes, met deze taalmethode kunnen werken. Hierdoor halen zij, net als hun Nederlandse leeftijdgenootjes, de einddoelen per leerjaar. Alleen de weg naar die einddoelen toe verschilt!
De map "Anderstaligen krijgen zin in taal" is te bestellen via onderstaand formulier: